Een amaretto drankje herken je meteen aan de zoete amandelgeur, al zit er in de klassieke versie geen spoor van amandel in. Het legendarische verhaal, de manier van serveren en een hippe cocktailvariant: hier lees je alles wat je moet weten voordat je de fles opentrekt.

Het verhaal achter amaretto
Amaretto komt uit Saronno, een stadje bij Milaan, en de bekendste versie is Disaronno. Het verhaal wil dat een weduwe in de 16e eeuw de likeur maakte als geschenk voor een schilder, met abrikozenpitten in plaats van amandelen. Die pitten geven de karakteristieke amandelsmaak, zonder dat er daadwerkelijk amandel in zit. Wikipedia zet de verschillende versies van het verhaal op een rij.
Hoe serveer je een amaretto drankje
Puur over ijs is de klassieke manier, eventueel met een schijfje sinaasappel. In Noord-Italië gaat een scheutje amaretto ook vaak door de espresso na het eten, als “caffè corretto” met een zoete twist. En in de keuken duikt het geregeld op in desserts: onze tiramisu is daar een klassiek voorbeeld van, al zit er in het origineel meestal marsala in plaats van amaretto.
De hippe variant
De Amaretto Sour is de cocktail die het drankje de laatste jaren weer helemaal terug op de kaart heeft gezet: amaretto, citroensap, een beetje suikersiroop en eiwit, stevig geshaket tot een romig schuimlaagje. Serveer met een schijfje sinaasappel en een cocktailkers voor het volledige plaatje.
Welke hapjes eet je erbij
Amandelkoekjes liggen het meest voor de hand, en de biscotti di Prato zijn daarvoor de perfecte match: droog genoeg om te dippen, en dezelfde amandeltoon als het drankje zelf.
Amaretto en gezelligheid
Amaretto is geen drankje om snel achterover te slaan. Het hoort bij de late avond, aan tafel, met koffie erbij en niemand die op de klok kijkt. Zet een schaaltje koekjes neer, schenk rond, en laat het gesprek de rest doen.








