Waarom je in Italië je pasta nooit doorsnijdt

Geschreven door

in

,

Je bestelt spaghetti in een restaurant in Rome en kijkt naast je bord naar het bestek. Er ligt geen mes. Je vraagt om er een. De ober kijkt je aan alsof je om een lepel bij je koffie hebt gevraagd. In Italië snijd je je pasta niet door. Dat is geen ongeschreven regel voor toeristen alleen. Het zit diep verankerd in hoe Italianen tegen eten aankijken, en zelfs Italiaanse kinderen leren het al vroeg.

Waarom er geen mes op tafel ligt

Bij een langwerpige pasta als spaghetti, tagliatelle of linguine krijg je in Italië standaard alleen een vork. Een mes hoort er simpelweg niet bij. Pasta is bedoeld om op te draaien, niet om in stukjes te knippen. Wie toch een mes pakt, laat daarmee onbedoeld zien dat hij de techniek niet beheerst. Mensen vinden dat eerder grappig dan beledigend, maar ze merken het wel degelijk op, ook aan tafel bij vrienden. Bij jonge kinderen maken ouders soms een uitzondering. Een lepel als hulpmiddel accepteren Italianen bij toeristen wel, al fronsen puristen daar ook een beetje bij.

De kunst van het opdraaien

De techniek zelf is eenvoudiger dan hij oogt. Je prikt een klein aantal slierten aan de rand van je bord. Je draait de vork ronddraaiend tegen het bord aan tot er een compact bolletje ontstaat. Dat bolletje breng je in één keer naar je mond. Een lepel als steun is in Zuid-Italië gebruikelijker dan in het noorden. Daar draai je de vork tegen de lepel aan. Puristen in het noorden zien die lepel als een overbodig hulpmiddel. Belangrijk is vooral: neem kleine hoeveelheden per keer. Zo blijven er geen lange slierten bungelen en ziet je bord er na afloop nog netjes uit.

Niet elke pasta valt onder hetzelfde verbod

De regel geldt vooral voor lange, dunne pasta’s die zich laten opdraaien. Bij pasta al forno, zoals lasagne of een gevulde ovenschotel, ligt een mes wel gewoon op tafel. Dat gerecht snijd je immers zoals je een taart zou snijden. Ook bij grotere gevulde vormen als ravioli of tortelloni gebruik je soms de zijkant van je vork. Je breekt er dan een stuk mee af. Dat geldt niet als hetzelfde vergrijp als een spaghettisliert doormidden hakken. Korte pasta zoals penne of farfalle prik je gewoon op, zonder enige twijfel over bestek. De grens ligt bij lange, gladde slierten: die draai je op, punt uit.

Waar de gewoonte vandaan komt

De gewoonte gaat verder terug dan je zou verwachten. Tot diep in de negentiende eeuw verkochten straatverkopers in Napels pasta gewoon op straat. Mensen aten het met de hand, rechtstreeks uit een kegel van papier. Pas toen de lange vork gemeengoed werd, veranderde dat. Die vork had langere tanden dan de vorken van daarvoor. Zo ontstond er een nette manier om pasta te eten zonder de vingers te gebruiken. Het mes kwam daarbij nooit in beeld, simpelweg omdat het voor deze eettechniek geen functie had. Die geschiedenis maakt de vork-alleen-regel geen recente uitvinding. Het is een gewoonte van meer dan honderd jaar oud. Vanuit de straten van Napels verspreidde die zich over heel Italië.

Wat er gebeurt als je het toch fout doet

Niemand stuurt je weg uit een restaurant omdat je om een mes hebt gevraagd. In de praktijk krijg je op zijn ergst een licht verbaasde blik van de ober. Soms maakt een Italiaanse tafelgenoot een vriendelijke opmerking. Thuis, tussen familie, knijpen mensen om dezelfde reden ook weleens een oogje dicht. Dat geldt vooral voor kinderen die de opdraaitechniek nog niet onder de knie hebben. Wil je het wél netjes doen? Oefen de opdraaibeweging dan eerst rustig thuis met wat spaghetti. Dan hoef je in Italië niet meer na te denken over waar dat mes ook alweer lag.

← Terug naar het blog