Een negroni met vijgen begint een dag eerder, want de gin moet eerst trekken. Je legt verse vijgen in de gin en wacht 24 uur. De gin neemt daardoor een zachte, honingzoete smaak aan die goed past bij de bitterheid van Campari.

Waarom een negroni met vijgen zo goed werkt
Vijgen smaken zoet met een lichte, noterige toon. Dat past bij rode vermout, die zelf naar kruiden en gedroogd fruit smaakt. Campari levert de bittere tegenhanger. Daarom heb je geen extra siroop nodig.
De verhouding wijkt af van de klassieke gelijke delen. We nemen iets meer gin, zodat de vijgensmaak duidelijk blijft. Wil je eerst de basis kennen? Lees dan ons blog over de Negroni cocktail en over vermout drinken. Meer over het fruit zelf lees je op Wikipedia onder vijg.
Zo maak je vijgengin
Snijd vier rijpe vijgen doormidden en doe ze in een schone pot. Giet er 200 ml gin over en sluit de pot goed af. Laat de gin 24 uur op kamertemperatuur staan en schud de pot één keer. Zeef de gin daarna door een fijne zeef.
Je maakt zo meer vijgengin dan je voor twee glazen nodig hebt. Bewaar de rest afgesloten in de koelkast. Daar blijft hij ongeveer een week goed. Zo heb je meteen een basis voor een tweede ronde.
Gebruik vijgen die echt rijp zijn. Ze moeten zacht aanvoelen en zoet ruiken. Harde vijgen geven weinig smaak af, dus de gin blijft dan bijna neutraal. Kies liefst vijgen met een donkere schil, want die kleuren de gin ook licht roze.
Wat eet je erbij?
Serveer de cocktail met hartige hapjes. Denk aan blauwe kaas, prosciutto of geroosterde walnoten. Ook verse vijgen met ham passen er natuurlijk bij. Zo sluit de smaak van het glas aan op wat je eet.
