Match de vorm met de saus

Pastavorm kiezen passend bij de saus

Geschreven door

in

Match de vorm met de saus, en je pastagerecht smaakt meteen beter. Niet elke pasta past namelijk bij elke saus. Dikke, romige sauzen werken beter met brede of holle vormen, zoals pappardelle of rigatoni. Dunne, olieachtige sauzen combineer je juist met lange, dunne pasta zoals spaghetti of linguine.

Waarom de vorm met de saus moet kloppen

De saus moet aan de pasta blijven hangen. Daarom kijk je naar het oppervlak en de holtes. Ribbels en gaatjes houden saus vast. Een gladde, lange vorm houdt vooral een dun laagje vast. Een goede combinatie geeft in elke hap evenveel pasta als saus.

Welke saus past bij welke vorm?

Brede linten, zoals pappardelle, passen bij stevige vleessauzen. Rigatoni en penne met ribbels houden dikke tomatensaus en kaassaus goed vast. Spaghetti en linguine combineer je met olijfolie, knoflook, vis of een lichte tomatensaus. Kleine vormen, zoals orecchiette, nemen stukjes groente mee. Tagliatelle past bij ragù en bij romige sauzen.

Voorbeelden uit de praktijk

Neem een romige kaassaus. Die blijft prima hangen in de holtes van macaroni of de ribbels van penne. Met spaghetti glijdt zo’n saus er vaak af. Kies je een lichte saus van olijfolie en knoflook? Dan past spaghetti juist uitstekend, want de dunne sliertjes nemen precies genoeg olie mee. Een bolognese combineer je het best met tagliatelle, omdat de brede linten de stukjes vlees goed vasthouden. Kleine schelpjes vangen op hun beurt erwtjes en stukjes tomaat.

Een vuistregel om te onthouden

Hoe dikker de saus, hoe groter en ruwer de pasta. Hoe dunner de saus, hoe dunner en gladder de pasta. Met die regel kom je al een heel eind. Het is overigens een richtlijn, geen wet. In Italië kiest elke streek bovendien haar eigen combinaties.

Meer over pasta en saus

Wil je het uitgebreider weten? Lees dan ons overzicht welke pasta bij welke saus past. Maak je zelf een basis? Bekijk dan hoe je tomatensaus maakt of een kaassaus.

Wat als je pasta in huis hebt die niet past?

Dat gebeurt vaak. Je hebt bijvoorbeeld alleen spaghetti, maar je wilt een stevige saus met stukjes. Maak de saus dan fijner. Pureer de groente of snijd het vlees kleiner. Zo blijft de saus beter aan de sliertjes hangen. Andersom werkt het ook. Heb je alleen penne, maak dan een dunnere saus iets steviger door hem langer in te laten koken.

Dus de volgende keer: match de vorm met de saus voordat je de pan pakt.

← Terug naar het blog