Gratin van knolselderij en aardappel is een romig bijgerecht dat past bij vlees, wild en een vegetarisch hoofdgerecht. Je snijdt de groenten in dunne plakjes en legt ze in lagen in een schaal. Daarna giet je er een warme saus van room, melk en knoflook over. In de oven wordt de bovenkant goudbruin en de binnenkant zacht. Je zet de schaal klaar en de oven doet de rest.

Wat heb je nodig voor gratin van knolselderij en aardappel?
- 600 gram knolselderij, geschild
- 600 gram vastkokende aardappelen, geschild
- 300 ml kookroom
- 200 ml melk
- 2 tenen knoflook, geplet
- 3 takjes tijm
- 1 snufje nootmuskaat
- 1 theelepel zout
- 30 gram boter, voor de schaal
- 100 gram oude kaas of Gruyère, geraspt
Zo maak je gratin van knolselderij en aardappel
- Verwarm de oven voor op 180 °C. Vet een ovenschaal in met de boter.
- Snijd de knolselderij en de aardappelen in plakjes van ongeveer 3 mm.
- Verwarm de room met de melk, de knoflook, de tijm, de nootmuskaat en het zout, tot de saus net begint te borrelen. Haal de tijm en de knoflook eruit.
- Leg de plakjes in lagen in de schaal en strooi tussen de lagen een deel van de kaas. Giet de warme saus erover.
- Dek de schaal af met aluminiumfolie en bak 40 minuten.
- Haal de folie eraf, strooi de rest van de kaas erover en bak nog 30 minuten, tot de bovenkant goudbruin is.
- Laat de gratin 10 minuten rusten voor het serveren.
Tips en variaties
Knolselderij heeft een nootachtige, licht kruidige smaak. Aardappel maakt de gratin zacht en vol. Samen krijg je meer smaak dan met alleen aardappel, en de gratin voelt minder zwaar aan. Kies een vastkokende aardappel, want die valt niet uit elkaar tijdens het bakken. Snijd alle plakjes even dun, ongeveer drie millimeter. Dan garen ze gelijk. Met een mandoline gaat dat het snelst. Meer over knolselderij lees je bij Wikipedia.
Verwarm de room en de melk eerst met de knoflook, de tijm en de nootmuskaat. Daardoor trekt de smaak goed in de groenten. Bovendien heeft de saus dan al de juiste temperatuur, dus de gratin is sneller gaar.
Waar komt gratin vandaan?
Gratin komt uit Frankrijk. De bekendste variant, gratin dauphinois, komt uit de streek Dauphiné in het zuidoosten. Daar maakt men hem met aardappel, room en knoflook. Deze versie met knolselderij is een winterse variant op dat klassieke idee. Het woord gratin verwijst naar de gebakken korst bovenop.
Extra tip: laat de gratin even rusten
Haal de schaal na het bakken uit de oven en wacht tien minuten. De saus dikt dan in, en je kunt de gratin netjes in stukken scheppen. Wil je meer bite? Strooi vlak voor het serveren wat gehakte walnoten of verse tijm over de korst. Serveer de gratin bijvoorbeeld bij de pappardelle met wildzwijnragù of bij een stoofgerecht.
Bewaren en opwarmen
Je kunt de gratin een dag vooruit klaarmaken tot en met het bakken. Laat hem afkoelen, dek hem af en zet hem in de koelkast. Warm hem op 180 °C in twintig tot dertig minuten op. Restjes houden zich drie dagen in de koelkast. Meer groentegerechten vind je bij alle bijgerechten op Pastasite.
Voedingswaarde per portie
Ongeveer 310 kcal per portie, bij 6 personen
Eiwit 10 g · Koolhydraten 22 g · Vet 20 g
Berekend uit de ingrediëntenlijst, dus bij benadering. Het verschilt per merk en per hoeveelheid.
Veelgestelde vragen
Welke aardappel is het best voor een gratin?
Kies een vastkokende aardappel. Die valt tijdens het bakken niet uit elkaar en houdt mooie lagen.
Kan ik de gratin een dag vooruit maken?
Ja. Bak hem helemaal gaar, laat hem afkoelen en warm hem de volgende dag op 180 °C in twintig tot dertig minuten op.
Is de gratin vegetarisch?
Ja, als je een kaas zonder dierlijk stremsel gebruikt. Controleer daarvoor het etiket.
